*Ondoorzichtige oersoep

Mijn onafgebroken gevecht met die delen van mij die ik liever kwijt dan rijk ben, houdt me onveranderd bezig. Het observeren van je eigen gedrag en gedachten levert vaak zoveel op. De trouwe lezers onder u weten dat ik een angststoornis heb gehad. Ik weet eigenlijk nooit zo goed of ik in de verleden tijd kan spreken hierover. Enerzijds zeker wel: ik leef mijn leven weer, mijn gordijnen gaan weer open, ik beantwoord de deurbel en de telefoon, ik communiceer, ik stap de wereld in en doe de dingen die ieder mens doet. Vaak geniet ik er zelfs van. Het heeft meer dan een jaar gekost om weer een beetje normaal mee te draaien in de wereld, maar het lukt.

Maar dan is er altijd nog die andere kant. Die kant die niet zo zichtbaar is, maar minstens zo voelbaar. Dat ik nog altijd de spreekwoordelijke drempel over moet bij het naar buiten gaan. Dat ik veel stiller en verlegener ben dan ik vóór mijn angststoornis was, terwijl ik het toen ook al was. Dat één chagrijnige opmerking van een kassamedewerker of passant me totaal uit het lood kan slaan. Dat ik altijd en overal bang ben wat mensen van me denken. Dat ik nog steeds in ‘mijn’ Nederland veel meer mezelf durf te zijn dan hier, in België. Dat dit feit me dan weer mateloos kan irriteren – iets waar ik verder weinig aan heb. En het belangrijkste: dat ik niet meer zo op mezelf kan vertrouwen als voorheen. Ondanks onzekerheden, spanningen of wat dan ook, wist ik wel altijd wie ik was. Of nu ja, in ieder geval: hoe ik reageerde op de wereld. Het is iets redelijk abstracts, maar wanneer je het kwijt bent, voel je het meteen.

Iedereen moet wel eens vervelende dingen doen. Dingen waar je tegenop ziet, die je liever uitstelt, die je liever een ander laat doen, u kent het wel. Dan weet je van jezelf dat het geen hobby van je is, maar je grijpt je zelf bij de lurven en schopt je zelf onder de kont en hup, je doet het. En als het voorbij is, triomfeert de opluchting en soms zelfs de trots. Toen ik uit het dal van mijn angststoornis omhoog aan het krabbelen was, deed ik niet anders dan deze dingen. Alles was tenslotte met tegenzin en veel, heel veel angst. Maar langzaamaan klim je omhoog, en na een half jaar sta je eens stil bij je leven en denk je: goh, dat durfde ik niet, en dat niet, en daar moest ik niet eens aan denken, en nu – nu doe ik die dingen zonder er mijn hand nog langer voor om te draaien weer. En dat is een fijn gevoel.

Maar één ding is er veranderd. Als het netjes in percentages opgedeeld kon worden, zou ik zeggen dat ik weer zo’n 75% de Wenz ben die ik voor mijn angststoornis was. Sommige dagen misschien wel 85%. Die overige procenten, daar werk ik nog aan, iedere dag. Maar met mijn angststoornis heb ik ook iets anders cadeau gekregen. Ik noemde het net al even: ik kan niet meer zo op mezelf vertrouwen als voorheen. Eigenlijk heb ik met schoteltjes van ogen naar mijzelf staan kijken in de tijd dat de angststoornis mijn leven bepaalde. Ik herkende mezelf niet, het voelde heel dubbel. Enerzijds was daar die nuchtere stem in mijn hoofd die dingen zei zoals: wat doe je nu moeilijk? Ga de post gewoon uit de brievenbus halen, er kan niets gebeuren. Anderzijds was daar die verlammende angst, die voorbij iedere rationaliteit ging. Wanneer ik een stap richting glazen tussendeur moest zetten, blokkeerde iedere vezel in mij en borrelde er een oersoep aan ambivalente gevoelens in me op en sloeg een dwaze paniek me helemaal lam. En tegelijkertijd keek ik daarnaar, vond ik mezelf heel stom en kon ik er tóch niets aan doen.

Dat heeft zijn sporen nagelaten. Ik kan niet meer zo stellig zijn over mezelf. ‘Zo ben ik, zo ben ik niet’. Je doet het heel vaak, als je erop gaat letten. Je definieert jezelf constant. Dat kan ik niet meer. Soms gaat het tijden goed, en sluipt dat gevoel van weten wie je bent er weer langzaam in. En dat voelt niet eens goed, nee, je bent je er gewoon niet eens bewust van, omdat het zo natuurlijk is.

En dan.

Dan zegt Lief op een avond ‘Schaatste jij eigenlijk wel eens, vroeger?’ En dan buitelen onze woorden over elkaar wanneer we elkaar vertellen hoe we vroeger op onze schaatsen over de kunstmatige ijsbaan schuifelden – hij in België en ik in Nederland. En dan raken we enthousiast, en zoeken we op internet uit waar er ijsbanen zijn hier in de buurt. En dan vinden we er een paar, en opper ik om langs één ervan te rijden, omdat op de site niet duidelijk wordt of ze nu wel of niet nog bestaan. En dan stappen we vrolijk in de auto, rijden naar de schaatshal en zien dat er nog leven is. En dan stappen we uit om eventjes bij de entree te gaan kijken. En dan wandel ik naar de ingang, en dan stap ik de verlaten kassa-hal daar binnen.

En dan opeens, in een fractie van een seconde, voel ik mezelf in duizend stukjes uit elkaar vallen. Geen gedachte kan meer afgemaakt worden omdat een volkomen blind paniekgevoel me opeens overheerst. Koortsachtig probeer ik tegelijkertijd mezelf te kalmeren – er is immers to-taal, ab-so-luut niets aan de hand, en probeer ik erachter te komen waarom ik opeens zo idioot bang ben dat mijn hart bijna uit mijn keel schiet.

Maar daar is dus geen beginnen aan. Ik durf niet op of om te kijken, kan alleen maar mezelf terugtrekken uit de situatie, en steven dus recht op de klapdeuren af, ram ze open en hoor Lief nog net verbaasd vragen of we niet even naar de schaatsbaan gaan kijken. Ik onderdruk met alle macht de drang om keihard weg te rennen en wanneer ik in de auto zit komt er enkel een verbeten ‘GA . GA! IK WIL WEG. NU.’ uit. Terwijl een verbouwereerd Lief ons richting huis stuurt, voel ik langzaam de angst uit me wegtrekken, en blijf ik volledig uitgeput als een hoopje vodden op de passagiersstoel achter.

En dat is dus wat het zo moeilijk maakt. Dat ik totaal niet bedacht ben op zo’n reactie. Dat de gedachte dat ik het eng zou vinden om daar naartoe te gaan niet eens ooit in me opgekomen was. Dat er niets, geen enkele voorbode was, dat me had kunnen laten denken dat ik in paniek zou raken. En dat het dan dus wel gebeurt. En minstens zo frustrerend: dat ik zelfs achteraf niet precies weet wat er nu gebeurd is, en waarom. Dat ik duizend andere dingen, vaak zelfs dingen die wél stress opwekken, wel gewoon doe. Niets aan de hand. Misschien soms wat spannend, maar ach.

En dat maakt je dus opeens weer heel onzeker. Dat je jezelf zo kon verbazen. Dat je – en daar gaat het om – opeens jezelf niet meer vertrouwt. En dan is het de dagen erna een kwestie van weer opkrabbelen, jezelf voorhouden dat je jezelf wél kent, dat je vooral níet moet terugvallen nu, dat je vooral door moet gaan waar je was, dat het goed gaat, dat je oké bent en dat dit voorval níet representatief is voor wie jij bent. Dat het zo weer dagen, weken, maanden, misschien wel jaren goed gaat.

Maar die ervaring, dat moment waarop je in tweeën splitst en je naar jezelf kijkt terwijl je – in jouw ogen – volkomen onverwacht en onlogisch en onzinnig handelt, dat moment is moeilijk. Dat kende ik voorheen niet. Ik was altijd ik. Maar deze nieuwe wetenschap is soms zo uitputtend. Niet alleen tijdens, maar ook erna, als je probeert in gedachten jezelf weer te verenigen tot één samenhangend wezen. Als je gaat malen om erachter te komen hoe het kon gebeuren. Maar daar veelal niet achter komt. En je dus het gevoel hebt enigszins met lege handen te staan, geen grip te krijgen op die kant van jezelf.

En dat dan weer moeten accepteren, zonder de angst te voeden en weer bang te worden om te bestaan, in de wereld. En tegelijkertijd nog steeds gewoon verder te gaan met het leven van alledag, zoals het altijd is, zoals het hoort te zijn, zoals je wilt dat het is.

18 Reacties

En dit ben jij, inclusief deze tot nu toe onvoorspelbare gang van zaken. Je weet dat ik goed weet waar jij het over hebt. Situaties als deze heb ik een aantal keren meegemaakt, ook toen ik dacht dat ‘het’ over was. ‘Het’ gaat misschien wel nooit meer over. Je wordt misschien wel nooit meer de Wenz van vroeger. Maar…er komt een andere Wenz voor terug, die geen procent minder is dan de Wenz van vroeger. En de situaties zoals je die nu beschreef, díe ga je wèl herkennen. Je gaat ze voelen. En voorkomen. Nu nog niet. Maar dat komt wel. En dan komt dat vertrouwen in jezelf weer terug. Wie weet waar dát dan weer toe kan leiden…als het mij lukte, lukt het jou zeker ook!

Geplaatst op 27 september 2010 om 21:41

Accepteren en met goede moed verder, niet makkelijk! ik hoop van harte voor je dat de voorspelling van pepperfly gaat uitkomen.

Geplaatst op 27 september 2010 om 22:19

Tjee, wat akelig zeg, zoiets. Vooral omdat het inderdaad helemaal uit het niets tevoorschijn komt, blijkbaar.
Wel goed dat je dit hier zo goed uitlegt; voor als er misschien mensen hier lezen die iemand kennen die zoiets ook heeft, maar het misschien niet zo goed kan uitleggen.

Geplaatst op 27 september 2010 om 22:30

Wilde aanvankelijk zeggen ‘dat ken ik niet …’ maar realiseerde me dat dat niet waar is. Ik ken het wél. In een grijs verleden heb ik agorafobie gehad, bang voor alles wat buitenshuis was, van mensen tot vervoer tot straten en panden. Toen ik eenmaal hulp zocht en die na een half jaar ook werkelijk binnenliet, was ik er absurd genoeg in drie tot vijf weken overheen. Alleen hield ik lange tijd dat restje, wat je mooier beschrijft dan ik kan.

Dat restje is toch weggesleten. En al kan ik af en toe een herkenbare benauwdheid op voelen komen (en weer wegademen), blijkbaar verbind ik dat niet eens meer aan die periode van agorafobie. Zodanig dat ik bij deze reactie aanvankelijk wilde zeggen ‘ik ken dat niet …’

Denk dat bij het slijten hoort dat de intensiteit minder wordt, je er toch een soort voorgevoel voor gaat ontwikkelen, leert er zelf milder tegen aan te kijken en mee om te gaan en in elk geval dat het op een bepaald moment ineens toch onderdeel van jou is geworden, zonder dat dat vreemd of onzeker voelt. Maar dat beschrijf je in feite zelf al.

Geplaatst op 28 september 2010 om 01:20

Ik heb aandachtig geleze en daarna kwamen er twee dingen in me op. Het eerste was dat mijn armen open gingen om je een warme, zachte knuffel te geven en het tweede was een vraag: Hoe zou het zijn als je niet meer probeerde jezelf te definieren? (Wat overigens het geven van een vraag is en niet het vragen naar een antwoord).

Smak! (dat was een klapzoen, geen val, hahaha)

Geplaatst op 28 september 2010 om 11:35

Als je van jezelf schrikt, schrik je altijd twee keer zo hard.

Geplaatst op 28 september 2010 om 23:00
Yellow

Wouw.
Wat kun jij zo iets breekbaars en zo herkenbaar zo goed in woorden vatten.. ik ben er stil van.
En dat ‘met ogen van schoteltjes naar jezelf kijken’ dat doe ik ook, regelmatig verbaas ik mezelf met wat ik doe en wat ik niet doe. Wat me dan bang maakt en wat ik dan weer niet begrijp.
Maar de mooie momenten zijn er ook en ik weet dat de angst, hoe verschrikkelijk ook en hoe zeer ik daar ook niet bij stilsta in dat moment, ook weer weg zakt. En daar hou ik me dan maar aan vast als ik dreig om te waaien. En anders zoek ik overal grote stevige eikenbomen waar ik wel 20 armen voor nodig heb om ze er om heen te slaan. Figuurlijk, virtueel, letterlijk. Ik kan het. Soms even wat minder, maar ik kan het en ik ben het.
En jij ook, Wenz. Echt.

Geplaatst op 29 september 2010 om 19:49

Wat een lieve mensen zijn jullie toch. Kwetsbare stukjes schrijven blijft vaak moeilijk, maar met zoveel warme reacties is het een stukje makkelijker. Dankjulliewel voor de inzichten, het medeleven, de wijze raad en knuffels – hartverwarmend. :)

Impa, ik werk al hard aan het niet meer piekeren, maar het proberen te definiëren is net zoiets dat zo vanzelf gaat, dat het niet zomaar te laten is. Maar ik snap wat je bedoelt. En neem het mee.

Pepperfly, ik denk dat je zeker gelijk hebt, dat er zeker nog meer herkenning op voorhand zal komen, dat je het toch leert inschatten. En inderdaad, eigenlijk ben je altijd in beweging, en blijf/ben je nooit dezelfde persoon als x tijd geleden. Daar moet ik ook helemaal niet naar terug verlangen. Verandering, nieuw, anders, maar zeker niet minder. Staat genoteerd. :)

Geplaatst op 29 september 2010 om 20:09

S-u-p-e-r-s-t-o-e-r dat je dit opschrijft. Zo.

Geplaatst op 1 oktober 2010 om 13:53

Jemig Wenz! Ik volg je natuurlijk al een paar jaar dus ‘weet’ het een en ander inmiddels. Het gekke is dat wanneer ik aan je denk, ik altijd denk aan de flinke, creatieve, lieve en het ‘mooi mens Wenz’. Zo. En nu jij weer! ;-)

Geplaatst op 1 oktober 2010 om 18:17

Wat een bijzonder log, zo knap om jouw ‘god’gegeven taalgevoel in te zetten om je kwetsbaarheid rücksichtlos in woorden om te zetten. En op het web, iets waarvan ik mij kan voorstellen dat dat ook met drempels van doen heeft. Hier nog een dikke knuffel en een arm om je heen vanwege de rotheid van je zo te moeten voelen. En een dikke pluim voor je moed dit te delen.
Het zal wel een open deur zijn om te zeggen dat elke angst in essentie functioneel is, je in bepaalde situaties voorzichtigheid biedt, maar dat angsten als deze de functionaliteit ontgroeid zijn en alleen nog maar beperkend en verlammend werken. Misschien kun je op zoek naar de kern van die angst, misschien heb je dat allang gedaan. Het is in ieder geval afschuwelijk om zo door jezelf verraden te worden. Maar, zo sluit ik mij bij de rest aan, geef de moed niet op. Door jezelf telkens onaangenaam te verrassen, doe je toch een leerervaring op, zul je eens op situaties kunnen anticiperen, in plaats van te reageren, en kun je dus gewoon lekker spontaan zijn zoals dat bij je past. Tot die tijd inderdaad: accepteren, en jezelf niet teveel voor je hoofd slaan als het mis gaat, je bent ook maar een mens.

Geplaatst op 2 oktober 2010 om 20:47

Jaco, inderdaad misschien een open deur maar zeker wel waar. In principe is het zelfs zo dat iedere ‘psychische afwijking’ pas een probleem is als het je gaat belemmeren. Iemand die altijd de boeken netjes op kleur geordend in de kast moet hebben staan, standaard twee keer checkt of het gas uit is en iedere woensdag dezelfde boodschappen gaat doen kun je compulsief noemen. Maar dat hoeft het totaal niet te zijn, als diegene er zelf absoluut geen hinder van ondervindt en het prima leven vindt op die manier, dan IS er geen probleem, geen ‘afwijking’. Het hangt puur van jezelf af of iets je belemmert of niet. Die angsten hebben zeker hun doel, en zonder angst leven is geen leven, maar zodra het zodanig naar de andere kant doorslaat dat ikzelf niet meer gewoon kan leven, dan is het tijd voor verandering.

Daarna nog je draai daarin vinden is inderdaad wat er nog moet gebeuren, een besef dat moet groeien.

Geplaatst op 4 oktober 2010 om 18:53

Hevig!
Ik vind wel dat je al een ongelooflijk eind bent gekomen, als ik zo lees hoe het eerst was. Klasse!
Maar ook denk ik; die procenten die je nu nog meent niet de Wenz te zijn die je was – die ben je óók, als je begrijpt wat ik bedoel. Die horen er bij, zelfs als je 100% van die angststoornis af bent. Dus eigenlijk ken je jezelf béter dan ooit tevoren.

Geplaatst op 5 oktober 2010 om 01:29

Tjonge Wenz, geweldig dat je er nu zo goed over kunt schrijven. Want dat is ook ooit anders geweest. En verder als Gras en Impa. X

Geplaatst op 5 oktober 2010 om 17:16

hey wenz

Ik herken dit een klein beetje, ik heb ook nog in stressperiodes plots aan de kassa het gevoel gehad dat ik alleen maar weg wou rennen, elk geluid of blik was te veel, enfin, een angststoornis is het nooit geworden, maar ik denk dat je zeker niet alleen staat met je gevoel. Psychoanalyse zal zeker kunnen helpen,vooral bij een talig iemand als jij, maar ook dat zal je zelf wel al weten. Psychoanalyse kan je ook helpen om te begrijpen waarom je bv in de ijspiste weer zo bang werd, wat de trigger was…of schrijven natuurlijk. Veel sterkte!!

Geplaatst op 6 oktober 2010 om 22:51

Dappere Wenz..Ik denk dat ik een beetje, maar dan ook maar een beetje, kan voelen wat je bedoelt, zij het op een iets ander vlak. Maar ik kan het niet zo mooi opschrijven. En ik hoop dat je vermogen om zo mooi te verwoorden wat er met je gebeurt je helpt om ermee om te kunnen blijven gaan.
Dikke zoen!

Geplaatst op 7 oktober 2010 om 00:52

Knap hoor, het zo op kunnen schrijven en zoveel teweeg brengen. Kus x

Geplaatst op 15 oktober 2010 om 13:47

Lieve Vlaamse (in-wording?), vanaf de enveloppen, de gemankeerde bankschroef tot hier gelukkig weer gelezen en herken je hele-maal als Wenz, al was het ooit anders. Dat breekbare schrijven ben jij, zo ook die ongrijpbare 15%, we blijven die onvoltooide, verlangende en veranderende mensen. Als het mag, een warme Nederlandse omhelzing.

Geplaatst op 20 oktober 2010 om 20:11