*De vliegers en het bos

Er was eens, in een donker bos, een meisje met een zwart
parapluutje.
Zie liep daar wat verloren in het bos met haar pluutje, want het regende die dag helemaal niet. “Waarom dan die paraplu?” vraag je je als weldenkende lezer natuurlijk af. Wel: het meisje was zeer gehecht aan haar pluutje. “Hoe komt dat zo?” hoor ik je denken…

Dat verhaal zal ik je nu vertellen.

Het meisje, ook wel Sannelinde genaamd, was op zeer jonge leeftijd al gefascineerd door vleermuizen. Toen Sannelinde net kon lopen, was ze al geneigd de hele dag te zoeken naar vleermuisjes, omdat ze die voor het slapen gaan in de zomer wel eens had gezien bij haar raam, aangezien ze aan de rand van een groot bos woonde. San deed niets liever dan
de beestjes lokken met haar hoge piepstemmetje, en soms kwam er werkelijk een
vleermuisje richting haar raam. Voor ze ging slapen wilde
ze altijd even “de vliegers” welterusten wensen, en haar moeder liet
haar begaan, ze vond het wel schattig van San, dat ze zo begaan was met de
natuur.

Toen San wat ouder werd en tot aan het tuinhek mocht komen, zat ze
hele dagen in de oude berk naast het huis omhoog te kijken. Haar moeder vroeg haar
wel eens of ze geen zin had met de kinderen uit de buurt verstoppertje te
spelen, maar San wilde alleen maar omhoog staren. Haar moeder liet haar
maar haar gang gaan. Ze kon urenlang hetzelfde hoge geluidje maken, en daarbij doodstil naar boven kijken. Het leek haar nooit te vervelen. Ze had bedacht dat, wanneer ze lang genoeg zou piepen en doodstil zou blijven zitten in die berk, ze uiteindelijk het vertrouwen wel zou winnen van de vliegers. Ze was vastberaden voor haar zevende verjaardag een vleermuis aangeraakt te hebben.

Ze was vijf jaar toen de eerste vleermuis in haar knuistjes belandde. Ze kon haar geluk niet op, haar
oogjes glinsterden, haar hele lijfje trilde van opwinding: hier had ze al die
tijd op gewacht! Het vleermuisje was min
of meer per ongeluk in haar hand terecht gekomen. San had in de loop der maanden zichzelf zoveel mogelijk laten versmelten met de berk en lag al maanden op dezelfde plek, net boven die dikke tak, met haar arm op een andere tak en haar been bungelend langs de stam, te wachten tot er eentje zou neerstrijken. Ze wist dat vleermuizen niet veel konden zien, maar door middel van geluid hun terrein afbakenden. Haar piepgeluiden had ze ook zoveel mogelijk afgestemd op de vliegers, en ze had gevoeld
dat het binnenkort zou gebeuren.

Toen de vleermuis daadwerkelijk haar linkerpalm raakte kneep ze meteen, zonder aarzelen, haar
handje stevig dicht. Dat voelde raar: het angstige beestje in haar hand trilde en spartelde alsof zijn leven ervan af hing. San voelde iets dat ze nog nooit gevoeld had, en een grote grijns verscheen om haar lippen.
Ze wilde het beestje geen angst aanjagen,
ze wilde niet dat hij spartelde en kronkelde.
Nee, San wilde het  zachtjes op haar hand voelen, het bekijken, alle details bestuderen en de ruwe vacht voelen. Ze wilde dat de vlieger van haar was, dat ze er altijd naar kon kijken.

Het beestje was helemaal in paniek, en San kneep haar knuistje nog verder dicht, ze was
vastbesloten hem niet te laten ontglippen. Ze rende ermee naar boven, haar kamertje op, schopte de deur dicht en sprong op bed. Ze trilde nu zelf ook van de spanning. Was het raam dicht? De deur goed afgesloten? Ja. Nu was het moment.

Ze opende haar hand een heel klein beetje, keek in de ogen van het bange diertje.
Ze draaide haar hand om en zette het beestje voorzichtig op de vloer.

PATS! Ze sprong zo hard ze kon.
Ze viel er bijna van om, maar toen ze omlaag keek bestond er geen twijfel: het dier was morsdood. Haar glimlach verwrong tot een grimas: dit was ware macht. Ze bekeek het geplette dier, pakte het op, trok aan een vleugel, duwde op een oogje, ze kon haar geluk niet op.Nu was de ware jager in
haar ontwaakt.

Voor haar zevende verjaardag gevierd werd met een grote taart en cadeautjes, had ze zeker negen
lijkjes op haar kamer verstopt. San voelde zich als nooit tevoren. Op haar verjaardag kwam haar moeder met het mooiste cadeau: “Meidje, je bent nu groot en sterk, je mag
alleen naar school lopen vanaf nu. Maar denk eraan, als je door het bos loopt,
wel op de paden blijven hè!” San knikte ongeïnteresseerd, maar diep van binnen juichte ze: meer vliegers in het verschiet! In het bos zou ze de beestjes nog makkelijker kunnen vangen, en ze glom al bij het idee al die vliegers te pakken te krijgen.

Iedere dag voor school en iedere dag na school tot etenstijd zat ze in het bos. En na het eten probeerde
ze ook zo vaak mogelijk naar buiten te glippen, het tuinhek uit, naar de donkere plekken tussen de bomen waar de met mos begroeide rotsen waren. Binnen twaalf maanden had ze onder haar bed een complete verzameling pootjes, vleugels, oogjes, huiden en
nagels liggen. Na de eerste vier was ze erachter gekomen dat alleen de ingewanden gingen stinken, en had ze geleerd die te begraven onder de berk in de tuin, zodat in huis niemand iets merkte van
haar passie.

Op 17 augustus, ze was bijna acht jaar, rende ze na school weer naar haar plek in het bos. Ze vlijde zich op haar vaste stek en wachtte, zoals iedere dag, op de vangst die zou volgen. Ze hoorde het typische ruisende geluid van de naderende vliegers al snel dichtbij komen. Ze spande haar spieren, kneep haar oogjes tot spleten en zat al grijpklaar te wachten tot er eentje in de buurt zou komen. Het geluid werd steeds sterker, ze hoorde dat het er vandaag extreem veel waren, ze kon bijna niet
wachten tot ze ze kon bekijken, voelen, en onder haar bed leggen. Op het moment dat San ze zo dichtbij hoorde dat ze het gevoel had er zo een uit de lucht te kunnen plukken, sperde ze haar oogjes wijd open en hief ze haar hand al op.

Op dat moment verstarde San, probeerde in de seconden die volgden te bevatten wat er gebeurde, maar het ging allemaal te snel. De vliegers hadden zich verzameld, er waren er welzeker veertig, en ze leken allemaal maar één doel te hebben: San. Voor ze het goed en wel door had, vlogen ze massaal op haar kleine lijfje af, belaagden ze haar armen, haar hoofd, haar benen. Ze krabden en klauwden, duwden en trokken. Haar haren leken wel vloeibaar, er vlogen er zoveel om haar heen dat haar hoofdje alle kanten op geduwd werd en in paniek begon ze om zich heen te slaan.

Ze sprong op, sloeg, schreeuwde, en begon te rennen. Ze rende haar longetjes uit haar lijf, en de tranen stroomden over haar bebloede wangen. Na wat wel duizenden kilometers leek , begon ze terrein te winnen en leken de vliegers het op te geven. Ze bleef rennen, door de struiken, langs de bomen, ze voelde niet meer waar ze nu pijn had en waar niet, ze kon alleen nog aan huis denken, aan de ramen en deuren sluiten, aan haar moeders armen om haar heen.

Huilend gooide ze uiteindelijk het hekje open en stormde naar binnen. Haar moeder schrok op, en aan haar paniekerige blik kon San zien dat ze er wel heel erg toegetakeld uit moest zien. Ze vloog in haar moeders armen en huilde zoals ze nog nooit gehuild had. Na flink wat knuffelen, de nodige pleisters, glazen cola en kusjes had ze in horten en stoten verteld wat er was gebeurd, en stonden ze boven in haar kamertje naar de kadavers onder haar bed te staren terwijl haar moeder verbijsterd haar hoofd schudde.

Vanaf die dag durft Sannelinde zich niet meer in het bos te vertonen zonder haar zwarte parapluutje, omdat de vliegers haar niet meer met rust willen laten wanneer ze zonder bescherming rondloopt. Ze loopt altijd met haar hoofd gebogen en haar pluutje stevig in haar knuistjes zo snel haar beentjes haar kunnen dragen over de grote paden, in een zo groot mogelijke boog om de grotten, naar huis.

Dus wanneer je een meisje op een zonnige dag door het bos ziet lopen met een zwart parapluutje en een
bange blik in haar ogen, dan glimlach even en fluister haar in haar oor:
“Dag San, het
leven is toch niet zo voorspelbaar als het op het eerste gezicht leek he…”

37 Reacties

( Dit was geen poging om een zo lang mogelijke log te schrijven, al lijkt het er wel verdacht veel op. :) Vergeef mij. Lees hem maar wanneer je een uurtje de tijd hebt. ;) )

Geplaatst op 13 juni 2006 om 22:52

We z’n billen brandt moet op de blaren zitten hæ. :)

Geplaatst op 14 juni 2006 om 00:01
joost

Iets dat zo goed geschreven is, is niet gauw te lang!

Geplaatst op 14 juni 2006 om 01:35

Mooi, mooi, mooi…

Geplaatst op 14 juni 2006 om 07:30

P.S. ken je ‘M’n lieve Audrina’ van Virginia Andrews? Daar doet je verhaal me aan denken (en ja, dat is een compliment:-) )

Geplaatst op 14 juni 2006 om 08:12
Niemand

Ik ga nu naar school, maar als ik terug thuis ben, zal ik het lezen ;)

Geplaatst op 14 juni 2006 om 08:45

sadistisch, maar dat is niet erg, dat is wel goed :). Je hebt vast Roald Dahl gelezen.

Geplaatst op 14 juni 2006 om 09:04

Goed verwoord hoe een kinderbrein iets op een schijnbaar totaal onlogische manier kan benaderen. Iets zo mooi vinden dat je het dood wil maken om het bij je te houden.
Zoals altijd weer heerlijk om te lezen. Het blijft een feest als er weer iets nieuws te beleven valt op jouw log. Het is nooit te lang! Bedankt.

Geplaatst op 14 juni 2006 om 09:35

Niemand, neem je tijd. :)
Andrews niet gelezen, Dahl wel. (Verhaaltje is al wat ouder, kan goed dat ik toen met het absurde sadisme van Roald Dahl in mijn hoofd zat.:)) Verder mijn dank voor al uwer lof. :D

Geplaatst op 14 juni 2006 om 10:19

Niemand gaat je verhaal lezen? Maar zo te zien hebben al een heleboel mensen het gelezen. En ook met veel genoegen.

Geplaatst op 14 juni 2006 om 10:48
Niemand

Ja, zeker wel.

Te lang? Zeker niet, Wenz! Schrijf er nog tien computerbeeldschermen mee vol en ik haak nog niet af ;)
De combinatie van lieflijk en sadistisch werkt inderdaad zeer goed.

Ik vind je vloeibare haren trouwens enorm mooi geformuleerd! Pluim op je hoed.
Schrijf meer, alstublieft. ;)

Geplaatst op 14 juni 2006 om 13:17
search

en hoe zit het dan met al die kindkes die de poten uit vliegen trokken, dode mieren opstapelden om te kijken hoe hoog de stapel kon worden? He? Hoe zit het daarmee?

Ik roep bij deze alle vliegen en mieren op om het voorbeeld der vliegers te volgen!
…..bzzzz……

Geplaatst op 14 juni 2006 om 19:31

Goed stuk, mooie verwoording van hetgeen een kinderziel wil maar eigenlijk niet kan. Heeft iets gotisch over zich maar dat zal wel mijn associatie met vleermuizen zijn. Het ozzy osbourne prince of darkness verhaal, dat hij de kop van een vleermuis afgebeten zou hebben (weet niet of het tijdens een show was). Ha ha, moet opeens denken aan de vertoning van de man op ozzfest drie jaar geleden, best een beetje oude zielige man aan het worden, de oz.

Geplaatst op 14 juni 2006 om 22:10
Niemand

Ik kwam eens, zo ongeveer 3/7 van m’n leeftijd in jaren geleden, de buurjongetjes tegen toen ze een kikker opbliezen :(

Ik ben naar huis gegaan en heb gehuild en ze de volgende dag op school heel vuil aangekeken. Moordenaars.

Geplaatst op 14 juni 2006 om 22:11
Niemand

Over doen denken aan gesproken: Een mond vol dons, van Lydia Rood. Lang geleden gelezen, maar het heeft er wel iets weg van. Met Soof.

Geplaatst op 14 juni 2006 om 22:13

Ozzy is niet mijn ding, en als hij daadwerkelijk dat beest de kop heeft afgebeten mag hij wat mij betreft ook aangevallen worden door 40 van zijn soortgenootjes. :D

Niemand, ja dat ken ik, is zo gemeen. :( (Al was ik wel zo iemand die al dode (echt!) vogeltjes, die uit het nest waren gevallen bij het uitvliegen, met een stokje in de buik prikte omdat dan het laatste restje lucht zo leuk naar buiten piepte… haha, vergeef me.:P )

Geplaatst op 14 juni 2006 om 22:16

Was dat van Ozzy niet uiteindelijk een kip? en is het in de legende een vleermuis geworden? Ik kan me een interview herinneren waarin hij of Alice Cooper (zo’n ander icoon) vertelde hoe hij een kip aan stukken scheurde omdat hij dacht dat het een kussen was (om de een of andere reden werden er kussens gesloopt tijdens het concert).

Geplaatst op 15 juni 2006 om 09:47

Lekker belangrijk of het nou een kip of een vleermuis was die Ozzy de kop eraf beet, alsof het al niet luguber zat is om op deze wijze herinnerd te worden aan hoe wij in de steentijd waren.

Geplaatst op 15 juni 2006 om 14:39

Sadisme is niet iets uit het stenen tijdperk hoor! De mens is uit zichzelf nu eenmaal sadistisch. (abu grai.. ) gelukkig weten de meesten het te onderdrukken…

Geplaatst op 15 juni 2006 om 14:52

Dat zal best, maar kweenie of de mensheid in diens huidige evolutie al voor het stenen tijdperk bestond. :P

Geplaatst op 15 juni 2006 om 15:11

“Mensen lopen op je hoofd!”
( citaat moeders van search, toen ze 6 was)

Geplaatst op 15 juni 2006 om 18:46

Hhmm… geeft een nieuwe demensie aan de metafoor ‘het is zo druk dat je over de koppen kunt lopen’.

Geplaatst op 15 juni 2006 om 20:34

Beesten op het podium doodmaken… Dat soort mannetjes zijn sowieso pathetisch in mijn ogen, en de hele troep mensen die dat dan ook nog stoer vinden, al helemaal.
Natuurlijk is de mens sadistisch, vooral in groepsverband, maar dat neemt niet weg dat die podiumacts niet uit sadisme maar uit publieksgeilheid gedaan zijn.

Geplaatst op 16 juni 2006 om 07:41

Als ik zo mooi kon schrijven als jij, zou ik al gauw niets anders meer doen..

Geplaatst op 16 juni 2006 om 08:34

Mennekes die dieren op het podium doodmaken? Als entertainment, toch?

Op zich niet okee maar wel confronterend!

Mensen mogen op zich wel zien hoe dieren gemarteld worden, waar zij ( elke keer als een stuk vlees eten) aan mee werken.

Geplaatst op 16 juni 2006 om 13:13

De Romeinen waren hoog beschaafd. Toch genoten zij van het afslachten van flamingo’s en andere kleurrijke dieren in het circus. Het raakte hen dat schoonheid zo kwetsbaar was. Zij wilden zichzelf dat inprenten en zich tevens hard maken tegen een leven dat in zoveel opzichten oneerlijk, wreed en onbegrijpelijk is.

Geplaatst op 16 juni 2006 om 17:38

Ik zag een paar dagen geleden nog een interview met Ozzy. Dus uit primaire bron citeer ik:
Die (eerste)keer op het podium was met een vleermuis, waarvan O dacht dat het een namaak dier was.
Later heeft hij nog een keer bij een Franse platenbobo een duif de strot doorgebeten.

Geplaatst op 16 juni 2006 om 20:59

Wat een onzin. De mens gaat en of ander beest op het podium aan flarden rukken “zodat de mensheid ziet hoe wreed we zijn”? My ass. Roept Ozzy dan erachteraan dat de bio-industrie echt niet kan? Dacht het niet. Mensen zijn veel te zelfingenomen, denken alles in hun macht te hebben. Lekker stoer beestjes publiekelijk doodmaken.Maar één vloedgolf, één aanslag, en we rennen in paniek rond en janken wat af. De mens is een zielige vertoning hoor.

Geplaatst op 16 juni 2006 om 21:41

De mens ís geen zielige vertoning, de mens houdt van zielige vertoningen. Maar om nou te zeggen dat Ozzy een zielige vertoning is? Nee toch? Dat wil je toch niet zeggen?

Geplaatst op 16 juni 2006 om 22:11

Wij zijn allemaal zielige vertoningen, vooral in groepsverband.

Geplaatst op 16 juni 2006 om 22:13

Niet mee eens. Ik ben allerminst een zielige vertoning, ook niet in groepsverband. Dat mensen zich vreselijk zielig kunnen misdragen, ja dat wil ik wel toegeven. Maar dat is niet inherent aan het mens-zijn. Het is gebrek aan stijl en dat kan geleerd worden. ;)

Geplaatst op 17 juni 2006 om 00:08

Zolang de mens als geheel denkt slimmer te zijn dan al het andere in zijn wereld, vind ik de mens zielig.

Geplaatst op 17 juni 2006 om 00:11
twin

zolang de mens denkt belangrijk te zijn op de wereld,zal ze nooit haar eigen zieligheid inzien. Leve de illusie!

Geplaatst op 17 juni 2006 om 08:15

Leve de vleermuizen. ;) En nu wil ik geen woord meer horen over die imbiciele lamzak van een Ozzy. (Ja, ik zoek ruzie. :P )

Geplaatst op 17 juni 2006 om 09:50

Wanneer komt het eerstvolgende Ozzfest eigenlijk? (Wenz; kommakommakomma >-D )

En idd, de een is wat gevoeliger voor debiel gedrag in groepsverband dan de ander. Gelukkig geldt dat inderdaad niet voor iedereen. Maar de mens is echter qua organismes wel 1 van de slimste dieren ter wereld, dus tja… in hoeverre wij daadwerkelijk zielig zijn…

Geplaatst op 17 juni 2006 om 15:54

Ozzfest?
*Balt vuist met boxbeugel* Bring it on, Rhino! ;)

Geplaatst op 18 juni 2006 om 19:47

Nummer je tandjes maar alvast, bespaart je wat tijd met puzzelen als ik je gebit aan de stoeprand hebt afgeveegd. *kusje* ;)

Geplaatst op 19 juni 2006 om 10:57