*Gekneusde werkelijkheid

Ik plof op bed, bekijk mijn heupen, bovenbenen, billen. Overal zitten grote donkere vlekken, in kleur variërend van bruin tot zwart. ‘Oh ja, ik heb allemaal blauwe plekken’, denk ik, al klopt de kleur eigenlijk niet met de naam. De meeste zijn groter dan een hand, sommige wel groter dan een hoofd. Maar het rare is dat in die donkere vlekken patronen zitten. Ik kijk nog eens goed: ja hoor, het lijken wel Maori-tatoeages. Kleine patroontjes, driehoekjes, lijnen, in banen gegoten en omkranst door donker. Grappig, mooi eigenlijk ook wel. Ik wrijf met mijn vinger over de figuren. Al zijn het dan flinke kneuzingen met gevoel voor compositie, ze doen totaal geen pijn. De huid voelt niet gekwetst vanbinnen.

Dan ontwaak ik. En ik herinner me dat ik al eerder hetzelfde heb gedroomd. Nu ja, bijna dan: de plekken zaten er al in twee eerdere dromen, de figuurtjes erin zijn nieuw vandaag. En natuurlijk ben ik dan nieuwsgierig, waar komt dat beeld vandaan? Zodra ik herhaaldelijk van iets droom, wil ik weten wat het kan betekenen. Ook dromen die opmerkelijk helder emoties oproepen, wil ik doorgronden. Zoals die keer dat ik droomde allemaal hagel in mijn rug en schouders te hebben zitten, en ik voor de spiegel met walging stond te kijken naar hoe mijn rug langzaamaan steeds verder ontstoken raakte, hobbels en bulten ontstonden die vreemd vierkant waren, vuurrode huid, steeds pijnlijker, tot ik bijna een bochel had en krom liep; en hoe verloren en desperaat ik me voelde toen niemand me naar het ziekenhuis wilde brengen, hoe hard ik ook probeerde de anderen ervan te overtuigen dat ik pijn had, en dat er geen hagel in je rug hoorde te zitten, en dat het helemaal mis ging daar, op mijn schouderbladen, zie toch hoe goor en walgelijk.

Natuurlijk kom ik er nooit achter wat het betekent, ik kan nu eenmaal niet in mijn onderbewuste kijken. Wel wist ik achteraf vaak waar herhaaldelijke dromen voor stonden. In mijn puberteit droomde ik van een auto die spontaan van de helling begon te glijden, en hoe ik steeds opnieuw op de bestuurdersstoel moest kruipen om het stuur te grijpen en ongelukken te voorkomen. Letterlijker kan het haast niet: je leven in eigen handen nemen, verantwoordelijk worden. Toen ik de eerste keer ver weg verhuisde, van het ene puntje van Nederland naar het andere, heb ik in mijn dromen al mijn vrienden zien sterven, sommigen herhaaldelijk. Afscheid nemen van het vertrouwde. Maar dan waren er nog de dromen van de donkerblauwe kamer, enkel verlicht door de maan, vol met de meest prachtige gezichten, allemaal een indiaans uiterlijk en gitzwarte, lange haren, allemaal in donkere gewaden gehuld en zittend op de vloer. Allemaal de ogen op mij gericht. Of de dromen waarin ik steeds in hetzelfde huis andere dingen beleefde. Rare dingen, verhuizingen van kamers, voluptueuze vrouwen die de trapleuning afgleden, en daar niets raars aan vinden. Uit het raam moeten klimmen, de donkere straat in, vluchtend voor weet ik veel wat, gehuld in het rode laken waar ik onder lag te slapen.

Herhaaldelijke dromen of situaties, waar ik nooit enige logica of betekenis in heb kunnen ontdekken. En toch intrigeert het me. Sommige beelden kun je thuisbrengen, een gedachte die je hebt gehad, een film die je hebt gezien, een emotie die overheerste voor je insliep. Maar de beelden die mijn hersenen produceren terwijl ik er bij mijn weten werkelijk nog nooit een enkele minigedachte over heb gehad, dat zijn de dingen die me nieuwsgierig maken. Hoe creëert je brein zoiets? Ik heb ergens ooit gelezen dat alle gezichten die je in je dromen ziet, ooit in het wakende leven je pad hebben gekruisd. Dat hersenen niet in staat zijn een gezicht te verzinnen, maar die ene passant van toen je drie jaar was en naar de speeltuin ging neemt, ergens diep in de krochten van je grijze massa opgeslagen. Leuk idee, maar ik weet niet of ik het geloof. Het probleem met droomsymbolen is ook dat iedereen er een andere mening over heeft, en er ook wordt gezegd dat het vooral om je eigen interpretatie gaat, en de omstandigheden. Logisch, maar ook tasten in het duister.

Hoe dan ook: mijn heupen zijn in het wakende leven puntgaaf. En als ik de meest uitgebreide en onderbouwde droominterpretaties moet geloven, staan wonden voor een deuk in je geestelijke gesteldheid, heupen voor de verbondenheid tussen gevoel en drift, huid voor bescherming voor invloeden van buitenaf, zwart is meestal negatief en tattoeages, daar komen ze niet helemaal uit. Overduidelijk dus. Ahum. Misschien moet ik het gewoon houden op dit: dat mijn hersenen mijn slaaptijd gebruiken om een klein visueel feestje te bouwen, om vervolgens overdag in een hoekje van mijn schedel te gaan zitten gniffelen om mijn vreemde pogingen er logica in te ontdekken.

9 Reacties

Ik denk inderdaad dat laatste. Ik geloof er niet zo in dat dromen altijd maar een symbolische betekenis moeten hebben. Wat is het nut daarvan wanneer je het toch niet begrijpt? Net als met geesten in die series tegenwoordig. Doen heel veel moeite om te communiceren, maar doen nog meer moeite om het bericht zo onbegrijpelijk mogelijk te maken, zodat er weer naar geraden moet worden. Erg inefficiënt allemaal.

Geplaatst op 14 september 2009 om 14:23

Je hoofd klutst wat af als je slaapt, die hersens hebben het ook altijd zo druk. Ik zie dat nachtelijke spektakel eenvoudig als gratis vermaak. En als het niet leuk is dan is het ontwaken weer zo’n heerlijke opluchting: néé het is allemaal niet waar!

Geplaatst op 14 september 2009 om 16:00

Jeetje mina wat kun jij je toch vaak zo glashelder herinneren wat je gedroomd hebt. Daar ben ik eignelijk wel jaloers op. Ik weet zelden tot nooit wat ik gebdroomd heb. Als ik het al weet, dan zijn het echt rotdingen, enge dingen, vieze gore smerige dingen waar ik helemaal niets mee te maken wil hebben, laat staan weten. De nachtmerries, de ergsten van de ergsten, die onthou ik dan wel. Helaas. Maar als ik wel eens hoor dat ik met een glimlach op mijn gezicht lag te slapen, dan zou ik toch ook zo heel heel graag willen weten wat er dan zo mooi of plezierig en prettig was in mijn droom. Waarom weet ik dat dan niet? :)
Blij trouwens dat die blauwe plekken groter dan een hand of zelfs hoofd niet echt zijn. Schrok al, ik dacht wat heeft ze nu weer uitgevreten. :)
Dromen uitleggen. Tja. Ik weet dat ze er zijn, de dromenuitleggers, maar hoeveel waarde je daar aan moet hechten weet ik dan weer niet.

Geplaatst op 15 september 2009 om 13:36

Echt een onwijs goor boek trouwens, Dromenvanger van Stephen King. Wowzers… the Byrus… the shit-weasels… Hahhaha.
Ja nee oke.
Dat kwam gewoon even tussendoor.

Geplaatst op 15 september 2009 om 13:38

Maanzinnig?

Geplaatst op 15 september 2009 om 19:26

“..dat mijn hersenen mijn slaaptijd gebruiken om een klein visueel feestje te bouwen, om vervolgens overdag in een hoekje van mijn schedel te gaan zitten gniffelen..”

GEWELDIG!!

Geplaatst op 15 september 2009 om 21:36

Dromen zijn idd iets wat voor multiple uitleg vatbaar is. Iedereen verschilt van mening hierover; de grap is denk ik dat het niets hoeft te betekenen. Bij herhaal dromen vraag je je gewoon af wat het betekend op zo’n manier dat je het nog een keer droomt :)

Geplaatst op 16 september 2009 om 10:29

Volgens mij zijn er net zo veel interpretaties mogelijk als er dromen zijn, het is maar net welke kant je op wilt. Ik zie dromen als een instrument om ruimte in mijn hoofd te houden, ze ruimen op wat er van overdag blijft liggen. Ik weet ook maar zelden wat ik gedroomd heb, opgeruimd staat netjes, toch?

Geplaatst op 17 september 2009 om 08:29

Ik heb ooit op de universiteit een keuzevak droomverklaren gevolgd (en niet afgemaakt). Daar werd een interessante techniek voor droomverklaren gebruikt, namelijk één waarbij je naar je eigen lichaam moest luisteren bij de interpretaties die jij of iemand anders eraan gaf. Kreeg je een a-ha-erlebnis of een oh-ja-gevoel, dan zat je in de buurt, kreeg je een schurend gevoel, dan zat je ernaast. Misschien een ideetje om eens te proberen?

Geplaatst op 5 oktober 2009 om 20:36