*Bultig mannetje

Misschien zegt het u niets, maar bultig mannetje heeft een belangrijke rol in mijn leven gespeeld. Bultig mannetje was een wezentje dat vol verbazing de dagelijkse bezigheden van een meisje volgde. Het verhaaltje was maar één pagina lang, maar het opende voor mij een wereld die ik nooit meer heb willen verlaten. Ik heb het verhaaltje maar een enkele keer gelezen, en al jaren geleden, dus ik heb niet eens de zekerheid dat ik het goed onthouden heb, maar dat maakt niets uit. In mijn herinnering is het meisje gewoon aan het koken buiten op een vuurtje, en bultig mannetje slaat al haar handelingen gade. Het meisje maakt soep. Wanneer ze deze wil eten, blaast ze eerst op de lepel om de soep af te koelen, alvorens ze hem proeft. Ondertussen bekijkt bultig mannetje haar. Bultig mannetje is een nors wezen en heeft overal commentaar op, het meisje irriteert zich een beetje aan hem. Wanneer het meisje het koud heeft, vormt ze met haar handen een kommetje rond haar mond en ademt erin, om haar handen te warmen. Bultig mannetje is al die menselijke gebruiken niet gewoon, en merkt heel scherp op dat hij niet begrijpt hoe zij enerzijds de soep koud blaast, en anderzijds haar handen warm, met één en dezelfde mond. Die ene observatie zette mijn wereld op z’n kop.

Hoeveel normale, geroutineerde, voor ons logische dingen doen wij eigenlijk, die zo logisch niet zijn? Die, wanneer je er goed over nadenkt, bijzonder zijn? Vreemd zelfs? Ik was hoogst verbaasd over die ene zin van bultig mannetje. Hij had gelijk! Hoe logisch het ook was voor mij, eigenlijk was het een klein wonder. Vanaf die dag ging ik nadenken over de geroutineerde handelingen in ons leven. Over de menselijke dingen, over gedragingen, over alles wat maar te overpeinzen is. Hoe logisch is het wat wij doen? Hoe zit de mens in elkaar? De wereld werd een stuk interessanter hierdoor. Wanneer je in staat bent om de kleine dingen – die je normaal zonder nadenken doet – te bezien alsof je ze nog nooit eerder gezien hebt, gaat er een wereld voor je open. Waarom houd ik mijn adem in wanneer ik de trap op ren? Waarom knijp ik mijn ogen dicht wanneer ik iets zuurs eet? Waarom moet je een spelletje winnen? Waarom zegt iedereen dat je koude handen beter onder koud water kunt houden om ze op te warmen? Waarom klinkt een zangstem heel anders dan een ‘praatstem’? Waarom zeggen we sorry wanneer we iemand willen passeren? We hebben ten slotte nergens spijt van? Waarom vragen we hoe het gaat als we verplicht zijn om ‘goed’ te antwoorden? Waarom geef je iemand drie zoenen wanneer je hem feliciteert? Waarom kun je honderden songteksten onthouden maar je Aardrijkskunde-huiswerk amper?

Naarmate ik ouder werd breidde dit zich uit, werkelijk alles was bespreekbaar in mijn hoofd. Hoeveel dingen doen mensen simpelweg omdat iedereen het doet? Hoeveel momenten zetten wij onze automatische piloot aan, terwijl zelf nadenken slimmer zou zijn? Toen ik een opleiding volgde viel het me op dat een klas vol mensen dingen doen zonder na te denken. “Voor deze taak is anderhalf uur ingeroosterd.” En hoppa, iedereen ging anderhalf uur in groepsverband aan de slag. Onze groep daarentegen ging even rond de tafel zitten om de taak te bekijken. Vervolgens beslisten we dat dit nooit anderhalf uur zou duren. Daarbij verdeelden we de taken en spraken we af dat ieder zijn deel zou doen wanneer het hem of haar uitkwam, zolang het maar af was wanneer het nodig was. Dat stuitte op een hoop verzet in de rest van de klas. We moesten het nu doen! En anderhalf uur lang! Hoe durfden wij naar buiten te lopen! Wij waren dwarsliggers, weigerden mee te werken. Ik begreep er niets van, en het was ze niet aan het verstand te peuteren.

En hoe kan het dat je als kind dingen heel anders beziet dan wanneer je volwassen bent? En waar ligt die grens? Ik weet nog dat ik als kind hele fantasieën had over de avonden. Wanneer ik moest slapen, hoorde ik soms de televisie beneden, of mensen die hard lachten. Dat was voor mij het paradijs. Later, als ik groot was, mocht ik ook heel laat tv kijken. En in het donker was het altijd gezellig, dat kon ik wel horen. Ik kon niet wachten om daarbij te zijn. Nu, jaren later, ligt er een meisje in haar bed te slapen boven mijn hoofd, terwijl ik nog een dvd aan het kijken ben. Ik hoor haar naar het toilet gaan en ben weer heel even dat kleine meisje. Zij vangt flarden van de avond op, maakt haar eigen idee daarvan. Ondertussen heeft mijn wereld zich nu uitgebreid tot lasten, problemen, moeilijkheden enzovoort. Ok, ik kijk een film terwijl kinderen al moeten slapen, maar ik voel er niet het plezier bij dat ik dacht te zullen voelen toen ik klein was. Deze wereld is een heel andere wereld dan ik me toen kon voorstellen. En al zeggen volwassenen dat het allemaal zo makkelijk niet is, je gelooft er niets van als kind. Simpelweg omdat die wereld nog niet bestaat voor je.

Ik heb eens meegedaan aan een experiment op school. Verdeel de klas in twee willekeurige groepen, maak de gymzaal totaal donker en geef de opdracht om met een bepaald aantal toestellen een ‘gebouw’ te bouwen. De groep die na een half uur de minste spleten in het bouwwerk heeft, wint. Je kunt elkaar of de toestellen niet zien. Je hebt geen idee wat je doet, wat er gebeurt, tenzij je gaat voelen en praten. Wat er gebeurt tijdens dit experiment, is dat je natuurlijke rol naar boven komt. Daarbij moet je op een andere manier communiceren en handelen. Het licht ging uit en onze groep was doodstil. Ik wachtte even af, niets. Toen begon ik maar te praten. Ik maakte een plan. We moesten in een kring gaan staan en mededelen waar we stonden. We moesten zeggen wat we deden en welke toestellen we hadden. We moesten overleggen bij iedere beweging. Een ander meisje wierp zich op als coördinator aan de andere kant van onze hoop toestellen. Langzaamaan raakten we bedreven in vertellen wat we vast hadden, waar we het naartoe bewogen en wie het dan moest overnemen. Alles moest één voor één, door elkaar praten kan namelijk niet zonder in chaos te vervallen. Een heel andere situatie dan wanneer je kunt zien. Een jongen wierp zich op als controleur, hij voelde alle randen en naden na, en vertelde wat we moesten doen om het beter te krijgen. Af en toe struikelden we over elkaar of de toestellen, maar dat was gelukkig alleen grappig en niet pijnlijk. Na een half uur ging het licht aan en was ik weer heel wat wijzer. Niet alleen was de ervaring op zich al bijzonder, ook werd mij verteld dat ik uit mezelf de leiding had genomen. Voor de goede orde: ik was op school een erg verlegen puber. Dat zette me wederom aan het denken, en bultig mannetje kwam weer even in me op.

De afgelopen maanden waren hectisch en zwaar. Mijn aandacht ging vooral naar mijzelf, naar problemen, naar praktische dingen, naar geestelijk welzijn. Maar bultig mannetje was ver, ver weggestopt in mijn hoofd. Gisteravond in bed moest ik er opeens weer aan denken. Bultig mannetje! Hoe kon ik al die maanden zo afgedwaald zijn? Ik vergat helemaal naar de wereld te kijken door bultig mannetjes ogen. Ik besloot de stress te laten voor wat hij was, en weer aan de slag te gaan met me verbazen over de wereld en de mensen erin. Niet alleen is dát wat voor mij het leven interessant maakt, ook relativeert het zo ontzettend veel. Ik ga me dus weer verbazen. Ik ga weer rondkijken in plaats van naar mijn navel staren. Bultig mannetje is weer ontwaakt in mijn binnenste, en daar ben ik blij mee.

Het verhaaltje eindigde, als ik het me goed herinner, met een verlegen vraag van het norse mannetje dat steeds overal commentaar op had en niets goed genoeg vond. Voordat het meisje ging slapen, deed ze haar gebed. In de stilte hoorde ze zijn zachte vraag: “Bid voor bultig mannetje mee?” Jazeker, bultig mannetje bleek toch ook een beetje menselijk.

(Na een zoektocht op internet kon ik alleen dit gedicht vinden over bultig mannetje, waar totaal niets over warme en koude adem in staat. Het kan dat het verhaaltje dat ik in gedachten heb een bewerking van dit gedicht was, het kan ook dat dit simpelweg in hetzelfde boek stond en ik er in mijn hoofd een combinatie van gemaakt heb. Op zich ook alweer een grappig iets om over na te denken: hoe vorm je herinneringen en hoe betrouwbaar zijn deze? Hoe dan ook, voor mij zal bultig mannetje voor altijd gelijk staan aan je blijven verbazen over de wereld. En daar dank ik mijn versie van bultig mannetje voor.)

19 Reacties

girl on the run

Wat een leuke manier om naar de wereld te kijken Wenz. Ik denk dat je daar lef voor moet hebben, om zo kritisch te kijken. Want misschien zijn al die automatismen een soort verdoving, die zorgen dat we zelf niet na hoeven te denken. Misschien bieden ze ons daardoor zekerheid en maken ze de wereld iets minder eng maken. Ik weet het niet, maar ik denk dat ik voortaan vaker door de ogen van een bultig mannetje naar de wereld zal kijken.

Geplaatst op 24 januari 2008 om 13:30
girl on the run

Sorry, foutje in mijn vorige post: 1 “maken” teveel.

Geplaatst op 24 januari 2008 om 13:31

Over het bultig mannetje is toch wel wat te vinden hoor.

Het Bultig Mannetje is door Bertus Aafjes vertaald uit het Duits en heette daarom oorspronkelijk Das buckliche Männlein. Dat gedicht maakte deel uit van een serie volksliedjes die door Ludwig Achim von Arnim und Clemens Brentano in het begin van de 19e eeuw werden verzameld en onder de naam ‘Des Knaben Wunderhorn’ uitgegeven. Des Knaben Wunderhorn werd door Gustav Mahler op muziek gezet.

Das buckliche Männlein gaat dan zo:

“Will ich in mein Gärtlein gehn,
Will mein Zwiebeln gießen,
Steht ein bucklicht Männlein da,
Fängt als an zu niesen.
Will ich in mein Küchel gehn,
Will mein Süpplein kochen,
Steht ein bucklicht Männlein da,
Hat mein Töpflein brochen.
Will ich in mein Stüblein gehn,
Will mein Müslein essen,
Steht ein bucklicht Männlein da,
Hat’s schon halber gessen.
Will ich auf mein Boden gehn,
Will mein Hölzlein holen,
Steht ein bucklicht Männlein da,
Hat mir’s halber gstohlen.
Will ich in mein Keller gehn,
Will mein Weinlein zapfen,
Steht ein bucklicht Männlein da,
Tut mirn Krug wegschnappen.
Setz ich mich ans Rädlein hin,
Will mein Fädlein drehen,
Steht ein bucklicht Männlein da,
Läßt mirs Rad nicht gehen.
Geh ich in mein Kämmerlein,
Will mein Bettlein machen,
Steht ein bucklicht Männlein da,
Fängt als an zu lachen.
Wenn ich an mein Bänklein knie,
Will ein bißlein beten,
Steht ein bucklicht Männlein da,
Fängt als an zu reden:
»Liebes Kindlein, ach, ich bitt,
Bet fürs bucklicht Männlein mit!”

Maar misschien heb je dat zelf ook allemaal al gevonden en ben je nu op weg om de verklanking door Mahler van jouw Bultig Mannetje eens te horen…

Geplaatst op 24 januari 2008 om 13:40

En al die gewoontes en patronen danken we natuurlijk ook aan ons geheugen. Vaak komen ze van pas, altijd alles voor het eerst moeten doen zou niet meevallen, maar voor je het weet, en veel mensen weten komen er nooit achter, wordt je door de stroom van al dat ‘zo doen we dat nu eenmaal’ zachtjes kabbelend veranderd in een mens met monsterachtige trekken. Mijn motto blijft dan ook:

Essentieel is kunnen zien,
Kunnen zien zonder te denken,
Kunnen zien wanneer men ziet,
en niet denken wanneer men ziet
Noch zien wanneer men denkt.

Geplaatst op 24 januari 2008 om 13:52

Ah! Is dit het geheim van de naam van je weblog?
Wat schrijf je mooi :)

Geplaatst op 24 januari 2008 om 14:04

Trouwens, nog maar een paar weken geleden vond en kocht ik, tweedehands, het boekje ‘Ben ik het nou of ben ik het niet’, waarvan de vragende titel mij al die jaren sedert mijn kindzijn door het hoofd bleef spoken, zoals bij jou Het bultig mannetje en de warme of juist koude adem.

Geplaatst op 24 januari 2008 om 14:04

Mooi, ik maakte me af en toe echt een beetje zorgen. Ik ben blij dat je Bultig Mannetje weer hebt gevonden.
Een mooi boek over herinneringen en hoe die ons voor de gek kunnen houden is Meer der Herinnering, door Rinus Ferdinandusse

Geplaatst op 25 januari 2008 om 16:18

En terwijl ik iets volkomen onbelangrijks sta te doen schiet er ineens door me heen: Rudy Kousbroek, drol! Rudy Kousbrouk, en niet, natuurlijk niet, onmogelijk, Rinus Ferdinandusse! Mijn geheugen raakt al een beetje op leeftijd en dan trek je wel eens het verkeerde laatje open.
Maar de titel van het boek klopt wel.

Geplaatst op 26 januari 2008 om 07:38

Het Bultig Mannetje zei me even niets, maar ik begrijp uit je stukje dat jij al heel dapper op je middelbare school Aafjes las?

Dat is wel gaaf. Ik hield me verre van poezie en bedacht hoe ik de middelbare school kon overleven (en schreef in het geheim ;) )

Geplaatst op 27 januari 2008 om 11:57

Fijn verhaal met een opluchtende boodschap, en mijn eerste reactie is deze: welkom terug bultig mannetje. Blijf maar vragen en blijf ons verbazen!

Geplaatst op 27 januari 2008 om 17:53

Mooi geschreven. Verwondering is heerlijk, nadenken over dat soort dingen verhelderend, leuk en *mailt je*

Geplaatst op 27 januari 2008 om 19:49

Wat een mooi verhaal! Ik schaam me eigenlijk een beetje omdat het Bultig Mannetje nieuw is voor mij en ik toch echt een tijd Nederlands gestudeerd heb. Hopelijk zegt dat meer over mijn docenten dan over mij. ;-) Desalniettemin: Dank je wel!

Geplaatst op 28 januari 2008 om 15:24

Die verwondering is mooi. Leuk dat daar een verhaal aan vast zit.

Geplaatst op 28 januari 2008 om 17:43

Soms kom je iets tegen wat je weer even wakker schudt en je om je heen laat kijken. Idd zoals het bultige mannetje dat voor jou doet. Het is wat ik zo leuk vind aan de boeken van Terry Pratchett; die net even andere kijk op het alledaagse waardoor je er zelf ook weer even bij stilstaat. Ik denk dat iedereen dat vaker zou mogen doen. *Spreidt haar armen wijd open en omhelst het Bultige Mannetje*

Geplaatst op 28 januari 2008 om 20:15

Onlangs hoorde ik van een jongen, die te vaak ‘Waarom?’ vroeg in de klas. Hij kreeg geen antwoorden, maar een vel papier op zijn tafeltje, waarop stond, dat hij zijn mond moest houden. Ik wil een bultig mannetje in de buurt van de juf die deze jongen dit aandeed…om haar eens flink door elkaar te rammelen!

Mooi beschreven weer, Wenz…dat we ons maar blíjven verbazen. Misschien is denken soms eng…maar tegelijkertijd zo mooi…en misschien zelfs niet altijd pijnloos…maar toch doet het geen zeer…

Geplaatst op 28 januari 2008 om 21:47

Ik hoop dat je hem lang bij je mag houden, ook al is hij soms onzichtbaar.
Ik heb een kaboutertje, maar die doet andere dingen. Hij zit op mijn schouder en fluistert in mijn oren wat mensen werkelijk bedoelen, als ze iets zeggen. Vooral ogenschijnlijk onbegrijpelijke of nare dingen.
Ze zouden een mooi team zijn! :)

Hij is prachtig tot leven gewekt, dankjewel voor de mooie tekst!

Geplaatst op 28 januari 2008 om 23:17

Mooi portret van het bultige mannetje, al komt die dan misschien niet precies uit een verhaaltje van vroeger.
Stress is één manier om zijn verbazing te slopen, de ander is volgens mij de overtuiging dat je het nu allemaal wel ongeveer weet, dat je weet wat er te koop is. Ik verbaas me er altijd weer over hoe veel mensen naar eigen zeggen van die laatste categorie zijn.

Geplaatst op 30 januari 2008 om 19:21

Ha, Dae, ik wist wel de schrijver, maar het originele Duitse had ik nog niet gelezen. Jouw motto is er een om voor te buigen. :)

Inderdaad Marleen, dat zeg je mooi, de net even andere kijk op het alledaagse. We omhelzen samen. :D

Cat, what a shame inderdaad, verwondering smoren zou strafbaar moeten zijn.

Girl on the run, ja, enerzijds heb je dat nodig, maar anderzijds moet je toch steeds met verwondering kunnen blijven kijken waar mogelijk. Laat bultig mannetje maar af en toe voor je denken inderdaad. ;)

Ha, Martine! Je laatje was misschien verkeerd, maar toch kwam het goede laatje nog bovendrijven. :D Ik ben ook blij bultig mannetje weer terug te hebben gevonden. :)

Jacq, jouw kaboutertje lijkt me iets negatiever dan mijn bultig mannetje, samen zouden ze in ieder geval voor een nieuwe wereld zorgen. ;)

Inderdaad Jack! Je hebt helemaal gelijk. De mensen in die laatste categorie zijn murw geslagen, denken alles te weten en niets te verwachten. Eeuwig zonde inderdaad.

Erick, thanks. Haha, misschien is dat wel het geheim ja, nu je het zegt. :P

Geplaatst op 31 januari 2008 om 10:27
Ine v.d. Heijden

Wat leuk om te lezen.
Wij zijn het Somerens Dameskoor en zijn weer het lied van het bultig mannetje aan het instuderen om te gaan zingen t.z.t.

Groet, Ine

Geplaatst op 28 april 2009 om 18:18