*Waardeloos (3D-verhaal deel I)

Met tegenzin trok hij zijn broek weer over zijn heupen. Hij gespte zijn riem vast, knoopte zijn hemd dicht, strikte zijn veters. Hij wist wel dat hij niet geïrriteerd mocht zijn, toch was hij het. De wereld leek binnen een half uur een kwartslag gedraaid, alsof hem iets was afgenomen. “Koffie?” klonk het mat. Hij knikte. Ze stond al met de hand op de klink, de sjaal stevig om haar nek gewikkeld. Ongeduldige, ongemakkelijke blik. Naar de vloer kijken leek hem minder pijnlijk dan haar gedachten halverwege de kamer ontmoeten. Hij naderde in stilte, schoof langs haar het trappenhuis in.

Ze draaide de sleutel tweemaal in het slot rond, haar stappen achter hem op de traptreden, haar regelmatige, schijnbaar onaangedane ademhaling. Dit huis zal ik nooit meer vanbinnen zien, zoveel is zeker. In gedachten verzonken liep hij de windstille avond tegemoet. De straatverlichting zorgde voor gelige bollen in de mist die op hen leek te drukken. Symbolisch, dacht hij, aan het eind van de straat zal ik haar huis niet meer kunnen zien. Alsof het nooit gebeurd is, nooit meer zal herrijzen, deze avond nooit bestaan zal hebben, deze straat niet, dit moment niet.

En toch bewoog hij zich voort in dit moment, dit ongemakkelijke moment. Ze was naast hem komen lopen, hij rook haar parfum weer heel duidelijk nu. De geur riep het beeld van haar naakte rug op, het gedimde licht over het modieuze bed. Een gefrustreerd gevoel kroop via zijn ruggengraat over zijn neusbrug. Hij nieste. Naar links kijken kostte teveel moeite, hij liet zijn blik rechts van hem in de goot rusten. Telde de putten die zij passeerden, de lantaarnpalen, het zwerfvuil. Nog drie straten te gaan. Zou hij haar vragen waarom ze opeens…? Zijn broekzak trilde. Onder het licht van de eerstvolgende lantaarnpaal hield hij abrupt halt, hij wilde weten wie hem op dit uur nog een sms stuurde.

Zij was al een aantal passen verwijderd toen ze opmerkte dat hij niet meer naast haar liep. Ze draaide zich om, zag hem door de mist als silhouet, gebeeldhouwd in de ondoordringbare avond. Zijn rechterhand in zijn broek. “Neem je tijd.” Hij hoorde haar woorden, begreep dat zij dacht dat hij zijn blaas ging legen op deze plek. Ze kende hem helemaal niet. Hij voelde de drang zijn been op te tillen, vervolgens zijn heupen te schudden, om af te sluiten met een luid geblaf. Het schermpje van zijn telefoon gaf aan dat Milou zich afvroeg of hij toevallig ook weer in de stad was.

“Geef me een half uur, ik bel je zo.” Hij liet de telefoon weer in zijn zak glijden, aarzelde een moment en maakte toen een gebaar alsof hij zijn broek dichtritste. Excuses moet je aan weten te grijpen wanneer ze van pas komen. Hij wandelde naar haar toe, knikte. Ze zetten hun tocht voort, sloegen hoeken om, versnelden hun pas naarmate ze dichterbij het centrum kwamen. Wie voor wie op de vlucht was, was hen geen van beiden duidelijk. Dit is een avond die niet in de boeken terecht zal komen, dacht hij wrang.

De verschaalde lucht sloeg hen in het gezicht toen ze de pub binnenstapten. De deur viel achter hen dicht, al was dat niet te horen. Tussen de verhitte lijven door baanden ze zich een weg naar de tap, schreeuwden vage excuses boven de muziek uit bij iedere aanraking met wildvreemden. “Twee koffie graag!” gilde ze naar de barman terwijl hij toekeek. Waarom ze geen bier bestelde was hem bij nader inzien een raadsel. De barman boog zich voorover, praatte een moment met haar. Hij vulde de koppen met dampende vloeistof en plaatste ze voor hen op de bar. Ze hief haar koffie op, knikte hem toe.

Hij knikte terug, liet de hete drank zijn keel in glijden. Tussen het feestgedruis en geflirt rondom hen zaten ze stilzwijgend aan de bar. Wat viel er nog te zeggen? Hij wierp een blik op de klok tegenover hen. Twintig minuten waren verstreken. Nog tien te gaan. Vanuit zijn ooghoeken hield hij in de gaten of zij nog aanstalten maakte iets te zeggen, maar ze leek net zo verdiept in haar koffie als hij. Kom op, vermande hij zich, rond dit af. Loze woorden passeerden zijn gedachten. Valse complimenten kreeg hij niet over zijn lippen, beledigingen leken even zinloos. Hij nam een laatste slok, legde een biljet op de bar en stond op.

” Ik ga.” Ze keek hem aan, welhaast ongeïnteresseerd. “Ja, ok. Nou. Dag dan maar.” Een moment bleef hij haar nog aankijken, maar geen enkele opmerking leek nog op zijn plaats. Hij knikte maar, draaide zich om en baande zich weer een weg naar de deur. Terwijl hij naar buiten stapte schraapte hij zijn keel. Daar aangekomen leek de ijle lucht hem tegen de muur te willen drukken. Hij ademde diep in terwijl hij stilstond. Een zinloos, schrijnend gevoel overviel hem, hij tastte in zijn broekzak naar de telefoon terwijl hij zich realiseerde dat hij behalve haar naam ook haar lichaam nu niet kende. Hoe zou ze geklonken hebben wanneer ze… Wat zou ze gedaan hebben als hij… Hij schudde de gedachten van hem af, één bleef er over: Had hij nu gefaald of was zij gewoon… vreemd? Hij besloot voor de laatste optie te gaan terwijl hij zijn oor tegen het schermpje drukte.
De avond hoefde nog niet verloren te zijn.
“Waar zit je? Ik kom eraan. Schatje.”

12 Reacties

Mooi geschetst! Intrigerend ook om te raden wat er net gebeurd is. Ik kan wel een paar scenario’s bedenken ;-)

Geplaatst op 25 juli 2007 om 11:58

Het doet me denken aan een passage uit T.S. Eliot’s Braakland (The Waste Land), en dat is een mooie vergelijking (in mijn optiek). Dit is een lekker dubieus stuk, heerlijk tweeslachtig.

Geplaatst op 25 juli 2007 om 12:25

Tja, wat moet ik daar nou van zeggen.
Echt Man??????

Geplaatst op 26 juli 2007 om 10:28

God wat zou er nou toch gebeurd zijn, alhoewel, het zit er dik in dat er iets niet gebeurd is.
Het betreft dan ook nog een activiteit waarbij de man zijn kleren uittrekt en zijn schoenveters losmaakt, maar zonder dat hij zijn schoenen uittrekt. Want hij “strikte zijn veters”, maar er staat niet vermeld dat hij zijn schoenen aantrekt.

Geplaatst op 26 juli 2007 om 20:53

God, dit zou zo maar uit het leven gegrepen kunnen zijn van iemand die ik ken.
Het roept zeker vragen op over er nou precies aan vooraf is gegaan.

Geplaatst op 26 juli 2007 om 21:50

Wat er ook voorgevallen is, in zijn ogen was het – net als de titel – waardeloos vermoed ik :)

Geplaatst op 27 juli 2007 om 02:52

Waardeloos, inderdaad. En dan ook nog voor de makkelijkste optie gaan…Als dat voor Milou maar goed gaat :-S

Geplaatst op 27 juli 2007 om 09:41

Ze bood hem tenminste nog wel koffie aan. ;-)

Geplaatst op 27 juli 2007 om 13:45

Ik heb ze verkeerdom gelezen :D Kan ze nu niet meer uit elkaar halen even if I wanted too ^_^

Geplaatst op 28 juli 2007 om 12:43

Grrr *perfectionist slaat toe* “to”, niet “too”

Geplaatst op 28 juli 2007 om 12:43
joost

Wen. is in de ban van een Zuidafrikaanse bisschop.

Geplaatst op 28 juli 2007 om 21:04

Ghahahaha Joost! :P Tutu heeft er inderdaad een fan bij, zo te horen. ;) :D

Grinnik, Wen, perfectionistisch zijn is een zwaar bestaan he? ;) :)

Geplaatst op 29 juli 2007 om 14:14