*Verfrissend

De afgelopen dagen waren versneld aan hem voorbij getrokken. Mailtjes, telefoontjes en zijn gedachten regen de verder saaie uren aan elkaar. De uren die hij normaal slapend doorbracht waren nu vooral een woelend wachten geweest, flitsen, scenario’s, voorstellingen over mogelijk verloop overheersten zijn geest. Ongewild leek alles hem aan haar te doen denken.

De muziek die hij hoorde leek opeens speciaal voor hem geschreven, de fletse zonnestralen in de ochtend op hem gericht. Sprong het verkeerslicht op rood, dan was hij blij dertig seconden ongestoord over haar te kunnen fantaseren. Sprong het op groen, dan was hij blij ineens door te kunnen rijden naar zijn werk alwaar hij haar weer kon mailen. Het verloop van de week leek als een lawine rondom hem te razen: hij maakte er wel deel van uit, maar alleen doordat hij werd meegesleurd in de stroom. Wanneer hij de boodschappen in zijn koelkast zette keek hij verbaasd naar de producten die door zijn handen gingen. Hij had alles wat nodig bijgevuld moest worden in huis gehaald, maar kon zich niet herinneren bewust de schappen te hebben bekeken.

Naarmate het weekend vorderde leek de onrust in zijn ledematen toe te nemen. Uren leken dagen, afleiden werd steeds moeilijker. Vrijdagmiddag deed hij nog een poging zijn werk fatsoenlijk af te ronden om volgende week meteen verder te kunnen, maar het mocht niet baten. Zijn hersenen leken iedere vorm van intelligentie verleerd, slechts voor zich uit staren en haar beeld oproepen ging hem goed af. Ze had hem twee foto’s gestuurd die hij onderhand al wel honderden keren bekeken had. Ze bleken beiden een voorkeur voor zwart-witfoto’s te hebben, die straalden volgens hen meer charme uit dan doorsnee kleurenfoto’s, wat hem maar weer gesterkt had in het idee dat ze misschien wel voor elkaar geschapen waren.

Op de eerste afbeelding stond zij op een strand onder de palmbomen. De foto was net van iets te ver genomen om haar navel of ogen te kunnen zien, maar haar zomerse outfit was genoeg om hem een aardig beeld van haarzelf te geven. De andere foto was niet op vakantie maar in haar keuken genomen. Ze zat op haar aanrecht, haar bos krullen over haar schouders gedrapeerd, haar benen over elkaar geslagen, haar blik op oneindig. Links van haar de koelkast vol memo’s en knipsels, rechts de gootsteen. De keukenkastjes oogden ietwat ouderwets, ze had hem uitgelegd dat ze een onbestemd soort beige kleur hadden, een overblijfsel van het vooroorlogs arbeidershuis waarin ze woonde.

Morgen was het zover. Rond drie uur zou hij op het station aankomen, zij zou daar op hem wachten. Ze zouden eerste een café induiken en wellicht later nog bij haar thuis gaan eten, afhankelijk van hoe gezellig het zou zijn. Hij twijfelde niet aan het verloop, hij wist zeker dat zij elkaar niet zouden teleurstellen. Hij nam dan ook zijn tandenborstel, zijn kam en zijn potje wax mee, overtuigd dat hij bij haar zou blijven slapen. Dit zat goed, dat voelde hij. De gesprekken die ze hadden waren merkwaardig intiem, ze voelden zich al oude bekenden van elkaar voor ze elkaar ooit ontmoet hadden. Haar stem klonk, ondanks de vervorming van zijn mobiele telefoon, rustgevend en wijs. Haar woordenschat was ruim, haar gespreksstof divers. Voor een jongedame van haar leeftijd, een jaar jonger dan hijzelf was, had ze hem versteld doen staan. In de achtentwintig jaar dat hij leefde had hij nog nooit zo’n sterk gevoel gehad als nu.

Ze had hem uitgehoord over zijn kijk op het leven, zijn dromen, zijn verleden, zijn fantasieën zelfs. In lange gesprekken had ze hem geestelijk uitgekleed en hij had zich naakt aan haar getoond. Ze wist alles van hem. Ook wat hij nu al voor haar voelde, bekentenissen waarvan ze altijd vrolijk leek te worden. Over een half uur zou hij haar bellen, dat hadden ze in hun laatste mailtje afgesproken. Hij wiegde op zijn stoel heen en weer, draaide rondjes met zijn voet, trommelde een deuntje op het tafelblad, maar de tijd kroop voorbij. Nog twintig minuten te gaan. Hij overwoog nog snel iets huishoudelijks te gaan doen om de tijd te verdrijven toen zijn telefoon voor hem op tafel kortstondig trilde en piepte. Een smsje! Hij opende het bericht en las haar woorden: “Morgen kan niet doorgaan. Moeder in ziekenhuis. Bel je snel. Knuffel.”

De teleurstelling baande zich een weg door zijn lichaam. Hij greep de telefoon en zocht haar naam in de lijst, drukte op de groene knop en wachtte tot ze op zou nemen. Zijn hart klopte in zijn keel terwijl hij nog bedacht bezorgd om haar moeder te moeten klinken wanneer ze verbinding hadden, maar haar voicemail klonk al. Hij verbrak de verbinding, belde nogmaals. Weer niets. Nogmaals liet hij de telefoon overgaan, toen sprak hij met tegenzin een bericht in na de toon. Het verzoek hem zo snel mogelijk terug te bellen had hij gecamoufleerd met vragen over de plotse ziekenhuisopname. Misschien was ze nu wel in het ziekenhuis en kon ze helemaal niet bellen? Die gedachte stelde hem enigszins gerust. Hun afspraak morgen zou niet doorgaan. Hij baalde enorm, zag zijn langverwachte weekend in duigen vallen. Terwijl hij de telefoon scherp in de gaten hield opende hij zijn mailbox.

Iedere zin die hij typte wiste hij ook weer. Hij kreeg het niet voor elkaar de juiste woorden te vinden, wilde niet zielig klinken maar was ook niet in staat een luchtig mailtje te sturen. Hij staarde naar het scherm, schopte tegen de tafelpoot, vloekte binnensmonds. Waarom had ze nu afgezegd? Waarom moest haar moeder uitgerekend nu ziek worden? Hij wist dat het oneerlijk was wat hij dacht, maar kon er niets aan doen. Hij doorlas hun laatste mailcorrespondentie, zocht naar iets, een teken, dat ze het net zo erg zou vinden als hij. Uit haar sms bleek niets. Hij spitte de mails door, overlas regels keer op keer, maar niets sprong er voor hem uit. Wel viel hem op dat zij veel minder over zichzelf vertelde dan andersom het geval was. Nu hij erover na ging denken: eigenlijk wist hij maar heel weinig feiten over haar leven. Hij wist in welke stad ze woonde, dat ze het conservatorium had doorlopen en zanglessen gaf en hoe ze heette, hoe oud ze was en hoe enthousiast ze zijn verhalen aanhoorde.

Een onaangenaam gevoel bekroop hem, hij kon er zijn vinger niet precies op leggen. Hij las nogmaals door de mails heen, liet zijn ogen over het scherm heen en weer schieten, maar wist niet precies waarnaar hij op zoek was. Waarom had hij niet meer aan haar gevraagd? Waarom was hij zo enthousiast over zichzelf blijven kletsen? Hij had er nu spijt van niet meer details te hebben uitgevist over haar, of haar adres, iets dat hem nu zou kunnen helpen. Haar manier van schrijven was ontzettend beleefd, bijna overdreven netjes soms. Dat had hem aangetrokken, hij twijfelde niet aan haar intelligentie, mede door haar zinsconstructies. Maar nu hij ze voor de tiende keer doorlas begon hij opeens een patroon te ontwaren. Er was iets, iets specifieks, aan haar schrijven. Nog steeds kon hij niet precies aanwijzen wat er vreemd aan was, maar het onaangename gevoel nam toe.

Toen herinnerde hij zich een zin uit een van hun telefoongesprekken. Het had op het moment nietszeggend geleken, maar nu zorgde het ervoor dat de haren op zijn armen opeens rechtop gingen staan. Het zou toch niet…? Snel verwierp hij het zojuist in hem opgekomen idee. De foto’s! Die zouden hem overtuigen dat hij het mis had. Hij opende de twee afbeeldingen, keek afwisselend naar de een, dan weer naar de ander. Opgelucht constateerde hij dat zijn angst ongegrond was. Even was hij bang dat ze misschien vele jaren ouder dan hij was, en daarom de afspraak afgezegd zou hebben, bang om ontmaskerd te worden. Dat zou haar taalgebruik verklaren, en ook de opmerking die hem net te binnen was geschoten: ze had verbaasd gevraagd wat een iPod was. Maar haar foto’s lieten zonder twijfel een jonge meid zien, nog geen dertig. Haar kleding was niet uitgesproken hip maar haar gezicht was zeker weten jong. Zijn blik dwaalde af naar haar drukke koelkast. Hij klikte de foto aan, zoomde in op de knipsels op de deur. Het was vaag, maar wanneer hij moeite deed kon hij de koppen onderscheiden.

Langzaam voelde hij zijn lichaam verkillen. Een rilling liep over zijn rug terwijl hij de eerste twee knipsels ontcijferd had. “Neil Armstrong zet eerste stap” en “De Gaulle hoort  ‘non’ van volk”. Hij trok wit weg, probeerde de berichten te plaatsen in de tijd. Dat was toch al meer dan dertig jaar geleden? Hij tuurde verder, ontwaarde plots links onderaan de deur het woord “Woodstock”. Als door een wesp gestoken schoof hij zijn stoel achteruit. Wat had dit te betekenen? Hoe kon zij aan al die krantenknipsels komen? Er was een kleine kans dat haar ouders die bewaard zouden hebben, maar die gedachte moest hij verwerpen. Ondanks de zwart-wit foto was duidelijk te zien dat de stukken papier op de koelkast echt geen halve eeuw oud waren. Hij begon te rekenen. De eerste stappen op de maan werden in 1969 gezet. Het was nu 2007. Wanneer ze toentertijd nog geen dertig was, zou ze nu de zeventig naderen. Wat?! Het was onmogelijk dat hij dat al die tijd niet gehoord zou hebben aan haar stem. Hoewel… ze had waarschijnlijk al die jaren zanglessen gegeven, dat kon haar stem jonger doen klinken.

Voor het eerst deed hij wat hij nooit had willen doen: hij opende de Google zoekpagina en typte haar naam in. Hij had een hekel aan informatie inwinnen op indirecte manieren, maar dit was een noodgeval. Met één druk op de knop kwamen de links in beeld. Hij zocht naar foto’s, de informatie zou later wel komen. Hij klikte op de eerste foto, schermgroot keek zij hem opeens aan. Een kleine, ranke vrouw, zilvergrijs krullend haar. Hij herkende haar gelaatstrekken, dat nam al zijn twijfels ineens weg.

Hij had al die tijd met een bejaarde vrouw gepraat. Over haar jonge lichaam gefantaseerd. Zijn ziel en zaligheid aan haar toevertrouwd. Een mengeling van zich belazerd voelen en zich dom voelen werd overstemd door een vreemd gevoel. Dat had ze toch maar even geflikt. Hij had het niet eens door gehad. Het was nu in ieder geval overduidelijk dat het smsje van daarstraks een leugen was geweest. Hij opende het mail-scherm weer, ditmaal raasden zijn vingers over het toetsenbord. Binnen een kwartier drukte hij op de ‘zend’ toets en wachtte af.

Hij schrok op uit zijn mijmeringen door het geluid van een inkomend mailtje. Zijn ogen vlogen over het scherm. Hij drukte op ‘antwoorden’ en typte nog snel een zin alvorens zijn jas aan te trekken en de deur uit te stormen.

“Goed, dan kom ik er nu aan. Tot zo!”

25 Reacties

Coole wending. Verrassend, mooi opgebouwd. Maar euh, eigenlijk kan dit nog alle kanten uit ;-) (ik kan al direct een aantal kanten bedenken, het een al wilder dan de andere). Komt er een vervolg ? :-)

Geplaatst op 25 januari 2007 om 19:21

Ghaha, als je mijn log iets langer kende had je die vraag niet gesteld. ;) :P Nee, ik hou van open eindes, laat iedereen zelf maar het vervolg verzinnen, hier blijft het bij. Point is made, case is closed, al kan het toch nog alle kanten op. :D

Geplaatst op 25 januari 2007 om 19:52

Knap Wenz. Ik dacht even, ‘het gaat zo blind in galop, dit word je grote ontgoocheling jongen’, maar er ging een ander deurtje open.
@ Nathan, dit deurtje had je niet in gedachten denk ik.

Geplaatst op 25 januari 2007 om 20:25

Hmmm… interesting =:~)
Ik heb een jongen gekend (nou ja, ‘jongen’, hij was 39 maar zag eruit als 29) die een relatie had met een vrouw van zestig, dat vond ik ook best oud. Relatief gezien.

Geplaatst op 25 januari 2007 om 21:26

Goed verhaal, prima einde…
alleen Woodstock, wist jij dat dat in ’69 was? Of heb je op jaartal wat gebeurtenissen bij elkaar gezocht?

Geplaatst op 26 januari 2007 om 00:28

Woodstock wist ik, kRonkel: een vriendin van mij heeft dat erin gestampt haha, die is helemaal weg van die muziek. De maan wist ik ook, dat andere feit heb ik opgezocht. :)

Marius, leuk dat het overkwam. :) “het gaat zo blind in galop” -> prachtige zin! :D

Geplaatst op 26 januari 2007 om 08:31

Hahahahahaha
En toen ging hij met tandenborstel op zoek naar oma.

Geplaatst op 26 januari 2007 om 09:25

Meestal ben ik te lui om heel lange teksten te lezen, maar jij weet een lezer wel vast te houden tot de laatste regel!
En het einde zal ik zelf wel invullen :D
(stormde terug naar binnen om zijn in de haast vergeten tandenborstel, kam en potje wax….)

Geplaatst op 26 januari 2007 om 10:55

hahahahahaha. :D
en ik durf te wedden dat dit vaker voorkomt dan je denkt.

Ik chatte jaren geleden met iemand die ook niets over zichzelf vertelde, dat heb ik toen snel afgekapt. Maar ik was ook niet uit op een date of iets dergelijks, maar gewoon gezellig ouwe-hoeren.

Geplaatst op 26 januari 2007 om 14:34
Mav

En toch is het mooi :)

Geplaatst op 26 januari 2007 om 18:42

Prachtverhaal en mijn einde is grandioos zonnig moet ik zeggen. Ultiem voorbeeld van innerlijke liefde denk ik ook :)

Geplaatst op 27 januari 2007 om 03:17

Cinner en Mav, ik ben het met jullie eens. :)

Gob, ja, als iemand iets te verbergen heeft word je achterdochtig inderdaad. Meestal gegrond.

Geplaatst op 27 januari 2007 om 08:18

Mooi, dat happy ending dat net zo goed een open einde kan zijn.
En dit: …dat ze misschien vele jaren ouder dan hem was… heb je natuurlijk zo geschreven om aan te geven dat jij nog lang geen 70 bent. ;)

Geplaatst op 27 januari 2007 om 12:53

*kuch*

Is aangepast Dae. :D Thanks. ;)

Geplaatst op 27 januari 2007 om 13:21

Verrassend! Mocht mijn lief ooit verdwijnen, dan weet ik dat er nog hoop is ;)

Geplaatst op 27 januari 2007 om 13:21

Herkenbaar verhaal :) Nou ja, behalve dan met die oma dan ;). Leuk om te lezen dat de hoofdpersoon precies de dingen doet, die je zelf ook doet, en waarbij je jezelf later afvraagt of dat wel ‘normaal’/rationeel was. :)
Eigenaardig wel dat hij haar nog steeds wil ontmoeten, zou hij echt alleen op een innerlijk verliefd kunnen worden?

Geplaatst op 27 januari 2007 om 20:45

de hoofdpersoon is in mijn beleving ook net zo oud en gestreeld door de aandacht van een jonge godin? Opgelucht dat ze tot zijn leeftijdscategorie hoort, neemt hij alsnog de spurt…
mooi opgebouwd!

Geplaatst op 28 januari 2007 om 10:42

Laat ik dan eens de eerste zijn die zegt dat de foto’s (zoals we van je gewend zijn) intrigerend zijn.
@ Jos: uiteraard wil hij haar nog ontmoeten. Zijn “ontdekking” vond slechts in zijn mijmering plaatst, niet in real life. Dat maak ik er graag van, maar het kan best dat ik er helemaal naast zit.

Geplaatst op 28 januari 2007 om 16:27

Eep heeft helemaal gelijk, de geplaatste afbeeldingen zijn fantastisch

Geplaatst op 28 januari 2007 om 23:59

Die foto’s van jou op je weblog zijn toch hopelijk niet 30 jaar oud? ;-)

Geplaatst op 29 januari 2007 om 00:12

Haha Zach, stiekem ben ik een man van 73 met een bochel, kunstgebit en etterende zweren in het gezicht. Niet doorvertellen hè? ;) :P

Geplaatst op 29 januari 2007 om 12:12

Goed, dan kom ik er nu aan. Tot zo!
;-)

Geplaatst op 29 januari 2007 om 23:52

Whahahahaa. :P :D

Geplaatst op 30 januari 2007 om 08:21

@ Epi: Inderdaad, dat zou ook kunnen. :) Alleen hoe verklaar je dan de oude krantenartikelen die niet vergeeld (is dat wel een woord?) zijn? Alhoewel ik me nu misschien teveel laat leiden door een arbitrair detail. :)

Geplaatst op 30 januari 2007 om 09:10

Eep zit ernaast hoor. :D Het is allemaal echt, tenminste, zo heb ik het geschreven, het maakt hem alleen gewoon niets uit. Maar ieder mag zijn eigen draai eraan geven hoor. :D

Geplaatst op 30 januari 2007 om 09:26